Op reis in eigen stad: bezoek aan expo in Filmmuseum
.
Op reis in eigen stad. Gisteren tentoonstelling in Filmmuseum bezocht: ‘Nieuwe perspectieven op koloniaal filmerfgoed’. Erg weinig bezoekers. Ten onrechte, wat mij betreft. Heb films en fragmenten gezien die indruk maakten en me te denken gaven over ‘ons’ koloniale verleden.
Ik had geen speciale reden om naar de expo in het Filmmuseum te gaan. Vrij willekeurig gekozen als bestemming voor ‘reizen in eigen stad’, een projectje dat ik enige tijd geleden ben begonnen. Hoe goed ken ik Amsterdam, mijn eigen woonplaats, eigenlijk?
Heden en toekomst interesseren me meer dan het verleden. Tijdens mijn bezoek aan de tentoonstelling dacht ik: is dat toch niet iets te gemakkelijk gezegd?
Nederland vind ik doorgaans nogal een keurig, geregeld, saai burgerlijk landje, prettig aangeharkt. Alles wat daar niet aan voldoet, wordt breed uitgemeten in kranten, talkshows en andere media. En als het even kan, volgen er dan Kamervragen, etc.
Amsterdam gaat langzamerhand ook in die richting, helaas. In zijn geschiedenis door Russell Shorto ooit beschreven als ‘de meest vrijzinnig stad ter wereld’. Wat is daar nog van over? Meer en meer wordt Amsterdam een doorsnee Nederlandse stad. Gelukkig valt er nog wel net iets meer te beleven dan elders in het land.
Wanneer je het verleden erbij haalt, blijkt er veel meer aan de hand dan de saai burgerlijke oppervlakte doet vermoeden. Zowel glorieus, als ook beladen.
Uit de brochure bij de expo in het Filmmuseum:
‘In de tentoonstelling gaan elf kunstenaars in dialoog net Eye’s deelcollectie van zo’n 2000 koloniale films afkomstig uit voormalig bezette gebieden in Indonesië en Suriname. De kunstenaars, afkomstig uit diverse landen, deden twee jaar lang onderzoek naar de verzameling van deze vaak problematische beelden. Zij maakten tien nieuwe werken gebaseerd op deze films. Daarmee leggen ze koloniale structuren en praktijken bloot en bevragen ze de rol van film in het bestendigen van macht. Want wie had er in de koloniale maatschappij toegang tot de camera, en wie niet? Wat liet die camera zien, met welke bedoeling, en wat zien we niet op deze beelden?’
Heb niet alles kunnen zien; ik ga er nog een keer heen.
In een van de films die ik zag, zeiden geïnterviewden herhaaldelijk, op de vraag wat zij hadden geërfd van hun voorouders: moed, de kracht om te overleven, en ook inspiratie, met name spiritueel-religieus. Mooi om te horen, sterk in contrast met de filmbeelden waarin koloniale machtsverhoudingen baden in vanzelfsprekendheid.
Door wat ik hoorde en zag, vroeg ik mij af: wat doe ik eigenlijk met mijn verleden? Wie waren mijn voorouders? - voornamelijk boeren in Zuid-Holland, en dat al heel lang. Wat heb ik van hen geërfd? Ik heb het me zelden afgevraagd. Komt het erop aan mijn voorgeschiedenis te onderzoeken? Eigen familie? Breder? En zo ja, waartoe?
Terug naar huis strandde ik in Keti Koti, in het Westerpark. Een culturele markt met eten, kunst, kleding, en muziek natuurlijk. Door de tentoonstelling hoorde ik de muziek nu toch anders. Er klonk een hele geschiedenis in mee, slavernij met name, en de bevrijding ervan: ‘ketenen gebroken’.Heden en toekomst interesseren me meer dan het verleden. Tijdens mijn bezoek aan de tentoonstelling dacht ik: is dat toch niet iets te gemakkelijk gezegd?